|
Wilhelmus van Nassaue, ben
ik van Duitsche bloed
Den vaderland ghetrouwe, blijf ik tot in den doet
De eigen cultuur relativeren ligt enigszins in onze Nederlandse aard besloten.
Een klein land moet nou één keer rekening houden met een
groot buitenland. Bovendien vloeit uit nationalisme maar al te makkelijk
oorlog voort weten we uit ervaring. Dat we van jongsaf een zeevarende
natie waren, heeft Nederlanders zicht geboden op de buitenwereld. Het
verklaart waarom we een stuk minder ingetogen zijn dan bijvoorbeeld Zwitsers.
Wellicht maakte het feit dat we zelf op allerlei plaatsen aanlandden,
ons meer ontvankelijk voor reizigers en vluchtelingen van buiten. De doorvoer
uit het Europese achterland naar onze havens, bepaalt ons bij het economische
belang om open te staan voor de wereld om ons heen.
Dat leidde door de eeuwen heen tot een zekere balans, waarin we onze onderlinge
verschillen betrekkelijk vreedzaam hebben opgelost. Ook daardoor kon ons
land een vrijhaven zijn voor vluchtelingen. Van Hugenoten en Portugese
joden tot de 20e-eeuwse asielzoekers.
Al met al hoefden we ons niet zo zeer nationalistisch op de borst te kloppen.
Alle aspecten waaruit we een Nederlandse eigenheid opbouwden, ook dat
bescheidene, brachten vrede en welvaart. En minstens zo belangrijk: een
democratie; een rechtsstaat.
Wat wil een mens nog meer.
Sinds kort ervaren we onze cultuur niet meer zozeer als vanzelfsprekend.
De gedachte dat we Trots moeten zijn op Nederland wint terrein. Dat is
deels begrijpelijk: des te bereikbaarder alles in de wereld wordt door
reizen, handel en internet, des te meer ontstaat behoefte aan beschutting.
We zien het terug in vele landen en regio´s.
Minder vanzelfsprekend kan een landscultuur ook worden als het aantal
dragers van een andere cultuur een kritische grens overschrijdt. Als je
je vreemdeling in eigen land begint te wanen.
Of daarvan sprake is wordt sinds enige jaren niet alleen meer bediscussieerd,
zoals hier vanaf de 19e eeuw gangbaar was. Die discussie is deels met
moorden beslecht. Dat zijn uit oogpunt van beschaving, stappen op de weg
terug.
Maar het mag ons niet het zicht ontnemen op het feit dat mensen wereldwijd
het hier nog altijd zoveel beter vinden, dat ze hun leven riskeren om
hiernaar toe te kunnen vluchten. Niemand vlucht immers naar Marokko? Of
naar welk islamitisch land ook, waar andersgelovigen worden geknecht en
uitgestoten?
Dat is wat ik dhr. Ajouaou zou willen voorhouden op zijn recente klaagzang
in Trouw. Beschaving is dat iedereen een legitimatieplicht heeft,
dus ook meneer Ajouaou. Een beschavingsoffensief is wat ik als onderwijswethouder
in Woerden zie op scholen, waar leerkrachten extra stappen zetten voor
kinderen van allochtone ouders die niet kunnen lezen en schrijven. En
daar is die gemeente niet uniek in. Overal in ons land worden extra onderwijsprogramma’s
aangeboden op het gebied van taalachterstanden. Wie de kansen wil nemen,
kan ze in dit land grijpen zonder aanzien des persoons.
En dat moet onze cultuur blijven kenmerken: de wil om je te ontwikkelen.
Dat kan in een beschaafd land. Waar niet de willekeur of de etnische of
geloofsachtergrond bepaalt of iemand burgemeester kan worden, doch slechts
diens persoonlijke kwaliteiten.
Daar zijn Nederlanders trots op!
18 oktober 2008

|