29 april    No Pasaran! (6)

Bij mij aan de wand hangt nog een relict. Een vaantje van Dynamo Dresden Fussballmeister der DDR dat me als wethouder sportzaken ooit werd overhandigd. Ik meen bij gelegenheid van een ontvangst van deelnemers aan het Esserbergtournooi voor jeugvoetballers. Maar ook werd ik in de voormalige ijshal Stadspark voorgesteld aan het management van de ijshockeyclub met die naam, toen die in de tweede helft van de jaren ´80 het Groningse GIJS versloeg in de Europacup voor bekerhouders.

De enige herinnering aan het land dat niet meer existeert en het waard is als nostalgie bewaard te blijven, rolde/hobbelde 50 jaar geleden (1957 een goed!bouwjaar) in Zwickau uit een Volkseigentümliches Betrieb.....

28 april   No Pasaran! (5)

De sfeer in ‘Das Leben der Anderen’ raakt wat ik zelf heb ervaren, de keren dat ik achter het Ijzeren Gordijn verbleef. Nimmer werd het begrip unheimisch me meer duidelijk dan toen we in 1975 met school, Checkpoint Charlie passeerden. Opgesteld in een rij, zagen we hoe militairen grote spiegels op de onderkant van de bus richtten, op zoek naar mogelijke Republikflüchtlinge, bewaakt vanuit sinistere wachttorens, temidden van veel prikkeldraad. Onmenselijk. Zo was het daar.
De laatste keer passeerde ik de grens zuidelijker, op weg naar Erfurt. Het was december 1989. De muur was een maand eerder gevallen. Een cynische beambte, ontdaan van elk decorum, zette een stempel in ons paspoort en liet ons in westerse valuta een Gebühr betalen. Dat was alles. Er was geen Grenzschütz meer te bekennen. Toen reden we door de kilometer niemandsland, omringt door hoge hekken prikkeldraad, waaraan elke zin ontvallen was, zo die er ooit geweest was. Het hele DDR-systeem deed zich in al zijn naakte stompzinnigheid aan ons voor. De grens was zichtbaar als wat hij al die jaren geweest was: een bedenksel van enkelingen, met als levensfilosofie dat macht uit de loop van een geweer komt.

27 april   No Pasaran! (4)

De communisten werden die ze bevochten. Achtereenvolgens bolsjewieken, nazi’s en kapitalisten. De eersten hadden lijfeigenen. Stalin verlaagde een heel volk tot die status. De nazi’s ondersteunden hun terreur met een ongekende systematiek. De DDR-regeringen oefenden hun macht op basis van hetzelfde principe uit. Het ongebreidelde kapitalisme leidt tot concentratie van economische macht, die corrumpeert. China bereikt hierin grotere hoogten dan welke kapitalistische fase in de geschiedenis ook. Vooral dankzij het gebrek aan openheid, waarachter milieucriminaliteit en massale schendingen van mensenrechten verborgen worden.
Een bloedvlek in de wereldhistorie. In de wedijver om de kameraden Stalin en Mao te evenaren gooide de Rode Khmer hoge ogen. Vorige week dinsdag was het 32 jaar geleden, dat een variant op Hitlers duizendjarig rijk ‘aanbrak’. 17 april 1975, dag één van het jaar nul in de jaarrekening van Pol Pot, Khieu Sampan en trawanten. Namen die huiveringwekkend herinneren aan de Killing Fields die 1 tot 1,5 miljoen Cambodjanen het leven kostten tussen 1975 en 1979.

26 april    No Pasaran! (3)

Freek legt de vinger op de zere wonde. In Das Leben der Anderen komt een scène voor op de binnenplaats van een regeringsgebouw. Daar laat de corrupte loopjongen van de corrupte minister van Cultuur een vrouw uit die met bedreigingen en aanranding tot IM (informant voor de Stasi) gemaakt werd. Die scène zou zo uit een film over nazi-Duitsland kunnen komen….
De sexuele uitbuiting door hooggeplaatste communisten kennen we van wat Mao deed en Kim Jong Il nog doet, eveneens graag met actrices. (Ik schreef er over oktober vorig jaar.)
Ook Fidel Castro draagt hier bij aan de reputatie van communisten. Ik lees het momenteel in het fascinerende boek over het leven van Marita Lorenz. Dochter van een Duitse cruiseschip-kapitein, die als 19-jarige door Fidel aan de haak wordt geslagen, kort na de Cubaanse revolutie in 1959. (‘Lieve Fidel’ Bruna, 2003)

24 april  No Pasaran! (2)

In de bioscoopzaal ontwaarde ik een voormalig CPN-adept. Nieuwsgierig probeerde ik een indruk te krijgen van de wijze waarop hij het DDR-failliet onderging. Wat zou ik graag onder dat hersendak gekeken hebben…
In de ‘Cuba Rebelde’ komt ook een fellow traveller aan het woord. Freek de Jonge laat weten dat Fidel Castro de held van zijn jeugd was. “Fidel. De naam wordt hier alleen nog aan een hond gegeven, in ruil voor trouw. (..) Fidel Castro. Ontrouwe hond. (..) Je bent geworden die je bevochten hebt.”

23 april      No Pasaran!

Vandaag melden de kranten dat Fidel Castro weer aan het werk gaat. Waardeloos zeg, voor de Cubanen. Zaterdagavond diende ik mezelf een forse injectie anti-communisme toe met een gang naar de film ‘Das Leben der Anderen’. Maar een dag eerder ontving ik ‘Cuba Rebelde’, een bijlage bij mijn vakbondsblad. Ondertitel ‘onafhankelijk periodiek ter bevordering van de democratie in Cuba’. Er staan schrijnende verhalen in over wat de Cubaanse variant van het communisme individuele mensen aandoet in anonieme cellen. Enkel omdat ze vakbondswerk doen, oftewel opkomen voor de arbeidende klasse.
Waarom ons druk gemaakt over communisme? Die achterhaalde gedachte om een land te besturen?
Omdat er nog miljoenen mensen lijden onder dit onmenselijke gedachtegoed, er velen nog lijden aan de ‘nagedachtenis’ die zij onder het communisme opdeden en omdat er nog velen sympathiseren met deze bloedvlek in de wereldgeschiedenis.

 

Terug naar de homepage